Duiken naar vliegtuigbommen in Rijsenhout

Op 18 en 19 juni 2019 heeft de EODD  twee zeer grote vliegtuigbommen laten springen op het strand van Bloemendaal. Dat leverde een mooi spektakel met rondvliegend zand en veel vuur op. Het ging om twee Duitse vliegtuigbommen van 1.000  en 1.200 kilo, afkomstig uit een weiland bij Rijsenhout. T&A Survey en van Heteren hebben de bommen in opdracht van SGN en de gemeente Haarlemmermeer benaderd en geïdentificeerd.

Duiken in bouwkuip

Voordat de bommen in Bloemendaal geruimd konden worden is het een hele klus geweest om de ontstekers succesvol te identificeren zonder de bommen, die zich bevonden zich op ca. 8 meter minus maaiveld, te verplaatsen. Hiervoor hebben T&A/van Heteren om de objecten een bouwkuip geplaatst, waarbinnen in eerste instantie machinaal werd ontgraven. De bouwkuip werd vervolgens volgepompt met water en een OCE duikteam heeft de grond boven de bom weggezogen.  

Identificatie van de bommen

De identificatie van de bommen en ontstekers gebeurde aan de hand van nauwkeurige maatvoering en hoge resolutie video beelden, waarbij boven water realtime werd meegekeken met de duikers. Daarnaast maakte T&A gebruik van technieken die niet eerder op deze wijze zijn ingezet, zoals een onderwater 3D laser scanner en Röntgen apparatuur. De laatste twee Duitse bommen zijn geïdentificeerd met een speciaal hiervoor door T&A Survey en Baars-CIPRO ontwikkelde identifier.  

De ontstekers van de bommen bleken voorzien van een Zünderzwischenstück, een verloopstuk dat bij grote vliegtuigbommen op de ontsteker werd geplaatst om deze beter onder het vliegtuig te laten passen. Hierdoor zijn de identificatienummers op de ontsteker niet zichtbaar. T&A survey en Baars-CIPRO hebben in samenwerking met de EODD een apparaat ontwikkeld om dit verloopstuk onder water van de ontsteker te verwijderen om identificatie mogelijk te maken. Uit de identificatie bleek dat de ontsteker niet meer werkzaam was. De explosieven vormden daarom geen veiligheidsrisico.  

Voorbereidingen detonatie

Sinds januari waren de bommen tijdelijk veiliggesteld in Rijsenhout. Ze konden daar niet tot ontploffing worden gebracht omdat het formaat van de bommen zo groot was dat de bodem van de Haarlemmermeer dit niet aankon. Er is daarom gekozen voor het strand in Bloemendaal. Voordat de ruiming, tegen de duinrand aan, kon plaatsvinden, heeft ook hier nog explosievenonderzoek plaatsgevonden. Dit duingebied maakte deel uit van de Atlantic Wall. Bij het onderzoek zijn enkele anti-invasie objecten als Rommel asperges en tetrahedra’s aangetroffen, die tijdens WOII op het strand stonden. Na het vrijmaken van de ruimlocatie zijn er in samenspraak met onder meer de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EODD) en de gemeente Bloemendaal twee data geprikt voor de detonatie.   

Minutieus 

De operatie vergde veel voorbereiding en alles moest minutieus worden afgestemd. In alle vroegte zijn de bommen met vrachtwagens van de EODD, voorzien van politie escorte, naar Bloemendaal gebracht. Nadat de EODD de springladingen had aangebracht, zijn de bommen afgedekt met een zandbult van 10 meter. Het vliegverkeer boven de kust werd stilgelegd en het omliggende water, strand en duinen werden ontruimd. Zo werden boten, badgasten wandelaars en geïnteresseerden op afstand gehouden. Hiervoor werden de politie, boswachterij, Rijkswaterstaat en de reddingsbrigade ingezet. Vlak voor het moment van ruiming heeft een politiehelikopter het gebied met infrarood apparatuur gescand om zeker te zijn dat het gebied ontruimd was. 

Grootste bom

De bom die op 19 juni tot ontploffing werd gebracht was een 1.200 kg zware Duitse vliegtuigbom van het type SC1200 Deze bevatte 631 kilo aan springstof. Voor zover bij bekend is er in Nederland niet eerder een bom van dit formaat aangetroffen. 

Download Flyer "3D scans en röntgenfoto's van vliegtuigbommen"